René Appel – Taalstukken

Samenvatting
In Taalstukken laat taalwetenschapper en schrijver René Appel aan de hand van voorbeelden uit de media, overhoorde gesprekken en fictieve dialogen zien dat iedereen de Nederlandse taal op geheel eigen wijze gebruikt. De ene keer is een hoofdstuk vooral grappig, terwijl het de andere keren eerder een wat drogere opsomming voorbeelden is van taalmiskleunen. Het is afwisselend en misschien is niet elk hoofdstuk voor iedereen. Dit boek is geen zure bedoeling over hoe alles moet blijven zoals het is, maar een constatering van de veranderingen in de taal die vaak ook mooie dingen opleveren. Een boek voor iedereen met affiniteit voor de Nederlandse taal.
7

Taalontwikkelingen

In Taalstukken laat taalwetenschapper en schrijver René Appel zien dat iedereen de Nederlandse taal op geheel eigen wijze gebruikt. Aan de hand van voorbeelden uit de media, overhoorde gesprekken en fictieve dialogen krijg je een beeld van de mooie, grappige, frustrerende en flexibelheid (zelfverzonnen!) van de Nederlandse taal. Een boek voor iedereen met enige affiniteit met de taal.

Sommige hoofdstukken zijn vrij droog. Wellicht komt dat doordat niet elk onderwerp voor iedereen even interessant is, maar ook omdat het aantal voorbeelden soms erg veel is. Als je denk van nu weet ik het wel, dan kan je natuurlijk gewoon een stukje overslaan. De voorbeelden worden gewoon toch wel erg overzichtelijk in lijstjes weergegeven. Deze voorgaande twee zinnen zouden daar prima tussen kunnen staan, want ze bevatten (bewust) een aantal taalontwikkelingen die de auteur niet heel erg lijkt te kunnen waarderen. Zinsconstructies met ‘van’, vul- en stopwoorden en het onnodig versterken/afzwakken van een uitspraak. Toch best wel overzichtelijk is niet meer dan gewoon overzichtelijk.

Satire en subtiele grappen

Het gebruik van Engelse termen in de Nederlandse taal komt veelvuldig aan bod. Als dat je in het dagelijks leven al vreselijk stoort, zorgen dit soort voorbeelden ervoor dat de gruwelen over je rug trekken – om maar even gebruik te maken van de vrijheid die de Nederlandse taal biedt en tegelijk halfslachtig een Achterhoekse uitspraak in het Standaardnederlands te gebruiken. Het hoofdstuk over kantoortaal laat dat erg duidelijk zien. Het hoofdstuk bestaat uit een fictief dialoog tussen twee kantoorballen die een nietszeggend gesprek voeren vol Engelse woorden en kantoortaal. Het leest als een sketch met een goede grap aan het eind. Een goed stukje satire dat erg grappig is, mits je jezelf er niet in herkent natuurlijk.

Zo zijn sommige grappen overduidelijk (de clou van het gesprek tussen de kantoorballen, bijvoorbeeld), terwijl ze andere keren subtiel zijn en enige pietluttigheid vereisen – met name in de ogen van mensen die wat buigzamer zijn als het om taalregels gaat. In het hoofdstuk over wederkerende werkwoorden komt een variant op ‘ik irriteer me’ voorbij, oftewel er wordt opzettelijk een niet-wederkerende werkwoord verkeerd gebruikt. Het moet je maar net opvallen, maar als het dat doet, is het een leuk grapje.

Plezier met taal

Andere keren laat de schrijver het niet aan de verbeelding over en somt hij pagina’s vol woordgrappen op of verwerkt hij alle tautologieën die je kan verzinnen in een tekst. Die teksten zijn enkel en alleen bedoeld om te vermaken, alles in pais en vree, nooit en te nimmer om je iets te leren (oké, nooit en te nimmer is misschien wat sterk uitgedrukt, maar een kans om een tautologie te gebruiken moet je niet laten liggen). Een voorbeeld van een grappig, maar leerzaam, hoofdstuk is die over het ontstaan van het woord Oliebollerie – en allerlei andere zelfverzonnen namen voor kramen, winkels en eetgelegenheden, over hoe de ‘-ij’ en ‘-theek’ steeds vaker plaats moeten maken voor ‘-tique’ (c.q. ‘-tiek’) om een bedrijfsnaam wat meer élan te geven.

Kortom, de ene keer is een hoofdstuk vooral grappig, terwijl het de andere keren eerder een wat drogere opsomming voorbeelden is van taalmiskleunen. Het is afwisselend en misschien is niet elk hoofdstuk voor iedereen. Het overgrote deel lijkt de auteur vooral te genieten van de vrijheid die je hebt in de Nederlandse taal, al lijkt hij soms ook gewoon even te willen mopperen op wat sommigen de taal aandoen, en dat maakt dat het een prettig boek is om te lezen. Geen zure bedoeling over hoe alles moet blijven zoals het is, maar een constatering van de veranderingen in de taal die vaak ook mooie dingen opleveren.

Geschreven door
Michael is sinds een paar jaar elke week in de bioscoop te vinden, meestal om zich te laten verrassen tijdens de Sneak Preview samen met redactrice Merel. Thuis kijkt hij nog met enige regelmaat oude Nederlandse komedieseries zoals Het Zonnetje in Huis: het verveelt hem echt nooit. Het fenomeen luisterboek vindt hij echt een uitkomst en hij is nog altijd een trouwe Nintendo-liefhebber.

Wat is jouw mening?

0 0

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Gemarkeerde velden zijn verplicht *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.

Lost Password

Please enter your username or email address. You will receive a link to create a new password via email.